Prioriteiten en indicatoren

Prioriteiten
  • Verhogen van de cultuur-, sport- en beweegdeelname door Rotterdammers.
  • Besluitvorming over verzelfstandiging sportvoorzieningen.
  • Versterking governance op subsidies en inkoop.
  • Verdere vormgeving en uitwerking van de strategische beleidsdossiers Talentontwikkeling, Creatieve industrie, Evenementenbeleid, Collectie- en ontzamelbeleid, Bibliotheekbeleid en Lokaal Mediabeleid.
Toelichting prioriteiten
Verhogen van de cultuur-, sport- en beweegdeelname door Rotterdammers

Het college heeft als target de sportparticipatie te verhogen van 59% naar 60% per eind 2017.
Uit de Vrijetijdsomnibus gepubliceerd in het najaar van 2015 blijkt dat 62% van de Rotterdammers
(6-80 jaar) aan deze definitie van sportparticipatie voldoet. In 2016 heeft het college de maatregelen uit het Uitvoeringsprogramma Sport 2015-2106 uitgevoerd. Daarmee is dit programma afgerond. In 2016 is in co-creatie met de partners en op basis van uitgangspunten van de gemeenteraad de nieuwe sportnota voor 2017-2020 opgesteld. Gezamenlijk met alle partijen is eerst een gedeelde visie geformuleerd op de sport in 2030 in Rotterdam. Op basis van deze visie zijn vier ambities voor de sportnota opgesteld, gericht op verhoging van het aantal Rotterdammers die sporten en bewegen, de inzet van sport als middel en sport als instrument voor citymarketing. De sportnota 2017+ is in oktober 2016 door de gemeenteraad vastgesteld.

Besluitvorming over verzelfstandiging sportvoorzieningen

Het college nam in november 2016 een voorgenomen hoofdlijnenbesluit om de uitvoerende taken voor sportvoorzieningen en sportprogrammering te verzelfstandigen. Dit betekent dat deze taken met ingang van 1 januari 2018 zijn ondergebracht in een sportbedrijf dat de rechtsvorm krijgt van een besloten vennootschap. De gemeente wordt honderd procent aandeelhouder.
Door de verzelfstandiging kan de gemeente zich richten op sturing en beleidsvoering, en legt de verzelfstandigde organisatie de focus op een klantgerichte, innovatieve, maatschappelijk ondernemende en efficiënte uitvoering. De verzelfstandiging is een middel om de ambities op het gebied van sport te realiseren.

Versterking governance op subsidies en inkoop

Bij de beoordeling van de jaarlijkse subsidieaanvragen en vaststellingen in 2016 waren de governance en de manier waarop deze is geregeld een vast thema. Voor de culturele instellingen werkt de gemeente met een specifiek voor de sector opgesteld toetsingsmodel. Daarnaast is een classificatiemodel ontwikkeld voor de gemeentelijke governance-relatie dat bij zowel Sport als Cultuur wordt gehanteerd

In 2016 heeft het college in de volgende gevallen een benoeming goedgekeurd: Diergaarde Blijdorp, Rotterdamse Kunststichting, Theater Zuidplein en Museum Boijmans Van Beuningen. De procedure rondom de nieuwe directeur van diergaarde Blijdorp loopt nog.

Talentontwikkeling, Creatieve industrie, Evenementenbeleid, Collectie- en ontzamelbeleid, Bibliotheekbeleid en Lokaal Mediabeleid

Het college heeft de vormgeving en uitwerking van deze dossiers verder ter hand genomen. Deels zijn hiervoor voorstellen en besluiten aan de gemeenteraad voorgelegd, deels lopen deze beleidsontwikkelingen door in 2017. Op het terrein van cultuureducatie is een evaluatieonderzoek gestart naar binnenschoolse cultuureducatie om transparantie, efficiëntie en effectiviteit te optimaliseren. Bij alle beleidsontwikkelingen staat centraal dat deze bijdragen aan de kerndoelen van het cultuurbeleid, zoals onder ‘prioriteiten’ geformuleerd.

Evenementenbeleid/ Kracht van Sportevenementen: strategische keuzes in de organisatie van (top)sportevenementen en de landelijke samenwerking met Amsterdam, Den Haag, Utrecht, Eindhoven, Gelderland, Brabant, NOC*NSF en het ministerie van VWS profileren Rotterdam nationaal en internationaal als aantrekkelijke bestemming. Op lokaal niveau werkt de gemeente aan een betere bekendheid van sportevenementen en betrokkenheid van Rotterdammers daarbij.

Indicatoren

Soort indicator (collegetarget, BBV of overig)

Beschrijving indicator

Nulmeting/ 2014

Realisatie 2015

Realisatie
2016

Eindwaarde/ 2017

Naam monitor

BBV*

Niet sporters

Mijlpaal

N.v.t.

N.v.t.

N.n.b.

RIVM Zorgatlas

Realisatie (incl. peildatum)

53,3% (realisatie 2014)

Overig

Target sportparticipatie: Omgevingsindex

Mijlpaal

59%

60%

62%

VTO

Realisatie (incl. peildatum)

59% najaar 2013

62% najaar 2015

* Noot: het verschil tussen de twee sportparticipatiecijfers dat gemeten wordt door enerzijds het RIVM (openbaar cijfer niet-sporters dat gepubliceerd wordt op waarstaatjegemeente.nl, 53,3% in 2014) en anderzijds onze eigen collegedoelstelling die gemeten wordt middels landelijke Richtlijnen voor sportdeelname onderzoek door OBI (62% sporters in 2015), wordt verklaard door verschillende onderzoeksmethoden met een verschillende aanpak in het veldwerk, verschillen in vraagstelling (12 x per jaar of 1 x per week), verschillende leeftijdsgroepen die worden onderzocht en verschillende meetjaartallen.

Toelichting indicatoren
Niet sporters

Nog geen gegevens beschikbaar.

Target sportparticipatie

De mate waarin Rotterdammers deelnemen aan sport wordt sinds 1995 elke twee jaar gemeten met het Vrijetijdsonderzoek (VTO).
Uit het meest recente VTO dat gehouden is in najaar van 2015 blijkt dat 62% van de Rotterdammers (6-80 jaar) aan de definitie van sporter voldoet. Met sportdeelname wordt bedoeld minstens twaalf keer sporten in de afgelopen twaalf maanden, zoals dat ook is vastgelegd in de landelijke richtlijn sportdeelname onderzoek (RSO). Twee en vier jaar eerder was de uitkomst 59%. Er is met de laatste meting dus sprake van een lichte stijging.

Het gemeentebestuur van Rotterdam streeft naar een verhoging van de sportdeelname door Rotterdammers. Het vorige college had een collegetarget geformuleerd van 64% in 2014 en streefde naar verhoging van de sportparticipatie onder Rotterdammers naar 70% in 2016. Met de komst van het huidige college is deze target vervallen, maar in 2014 is via de motie 'stel target sportparticipatie alsnog een doelstelling sportparticipatie geformuleerd van 60% in 2018 (meting eind 2017). De hoogte van deze target is bepaald op basis van de stabiele trend van de afgelopen jaren en bezuinigingen die hun weerslag hebben op het aanbod aan sportvoorzieningen en programmering door de gemeente. Met het sportparticipatiecijfer van 62% is de doelstelling van het huidige college al bereikt.