Prioriteiten en indicatoren

Prioriteiten
Stedelijk Verkeersplan
  1. Voorleggen van het Stedelijk Verkeersplan aan de gemeenteraad.

A16 Rotterdam (voorheen: A13/A16)De volgende mijlpalen stonden op de agenda, onder regie van het ministerie van ministerie van Infrastructuur & Milieu (I&M):

  1. Vaststelling van het tracébesluit
  2. Afronding van de uitvoeringsovereenkomsten
  3. Voltooiing van het programma van eisen voor de aanbesteding

BlankenburgverbindingOnder regie van het ministerie van I&M waren de volgende mijlpalen benoemd:

  1. Vaststelling van het tracébesluit
  2. Voltooiing van het programma van eisen voor de aanbesteding
  3. Afronding van het programma van eisen voor de aanbesteding afgerond
  1. In de producten A13/A16 en Blankenburgverbinding moeten op adequate wijze de afspraken worden opgenomen en geborgd die het Rijk en de regiopartijen hebben gemaakt over functionaliteit en inpassing. De inbreng van de gemeente in dit project is erop gericht om dat te bewaken.
Dynamisch verkeersmanagement en benutten bestaande netwerk
  1. De gemeente vervangt jaarlijks circa 16 van de in totaal 240 verkeerslichtinstallaties in de stad.
  2. De gemeente optimaliseert de afstelling van de verkeerslichten. Inzet is om bij vervanging of aanpassing van verkeerslichteninstallaties fietsers en voetgangers meer comfort (meer of vaker groen) en de tram meer prioriteit te geven. De regensensor is een voorbeeld hiervan.
  3. De gemeente ontwikkelt ‘tunnelwet-proof’-verkeersmanagement voor de Maastunnel.
  4. In het kader van het onderzoekstraject SURF (Smart Urban Cities of the Future) maken kennisinstellingen met de Metropoolregio Rotterdam Den Haag en de provincie Zuid-Holland een onderzoeksvoorstel op het gebied van zelfrijdende voertuigen. Het onderzoek richt zich vooral op de ruimtelijke effecten op lange termijn van automatisch rijden. De gemeente heeft de intentie uitgesproken partner te willen zijn in dit onderzoek.
  5. Met andere overheden en het bedrijfsleven werkt de gemeente binnen De Verkeersonderneming aan doorontwikkeling van de mobiliteitsmarkt, met nieuwe mobiliteitsdiensten voor Rotterdammers en Rotterdamse bedrijven tot gevolg.
  6. De gemeente zet in op regionale samenwerking via regioregie (voor afstemming wegwerkzaamheden), het regionaal verkeerskundig team en de regiodesk, en op de ontwikkeling van een virtuele verkeerscentrale
  7. De gemeente gaat door met de Verkeersmarinier en de Verkeersregiekamer Rotterdam.
MIRT-onderzoek bereikbaarheid Rotterdam – Den Haag (MIRT: Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport)
  1. Het ministerie van I&M en de Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH) trekken het MIRT-onderzoek. Dit onderzoek richt zich op de brede bereikbaarheidsopgaven in het gebied van de MRDH. De gemeente Rotterdam neemt deel in dit onderzoek.
Toelichting
Stedelijk Verkeersplan

Het college heeft in 2016 het Stedelijk Verkeersplan uitgebreid besproken met maatschappelijke partners, ondernemers en bewoners. Dit heeft geresulteerd in een aangepaste versie die begin 2017 door het college aan de raad wordt aangeboden ter vaststelling.

A16 Rotterdam

De volgende mijlpalen zijn bereikt 2016, onder regie van het ministerie van Infrastructuur en Milieu:

  1. Vaststelling van het tracébesluit
    1. het tracébesluit is direct na de zomer gepubliceerd en heeft ter inzage gelegen. Er zijn 18 unieke beroepen ingediend bij de Raad van State. Uitspraak van de RvS wordt medio 2017 verwacht
  2. Afronding van de uitvoeringsovereenkomsten
    1. De Uitvoeringsovereenkomst en een Nadere overeenkomst tussen de gemeente Rotterdam en het Rijk is samen met een Meer partijen overeenkomst over de overdracht van wegen en gronden nagenoeg afgerond. De ondertekening is gepland vóór de zomer van 2017
  3. Voltooiing van het programma van eisen voor de aanbesteding
    1. De elementen die voor de gemeente Rotterdam belangrijk zijn en door de opdrachtnemer van Rijkswaterstaat moeten worden uitgevoerd zijn opgenomen in het contract en deels in de voornoemde overeenkomsten. De uitvoeringsovereenkomst is een contractstuk voor de opdrachtnemer. De aanbestedingsprocedure is met de publicatie van het project op Tendernet in november 2016 gestart.
Blankenburgverbinding

De volgende mijlpalen zijn bereikt in 2016, onder regie van het ministerie van IenM:

  1. Vaststelling van het tracébesluit
    1. Het tracébesluit is in het voorjaar 2016 gepubliceerd. De zitting van de Raad van State met betrekking tot de vijf bezwaarmakers die in beroep gekomen zijn heeft op 13 december 2016 plaatsgevonden. De uitspraak van de Raad van State wordt in het voorjaar van 2017 verwacht.
  2. Voltooiing van het programma van eisen voor de aanbesteding
    1. De voor de gemeente Rotterdam belangrijke elementen zijn in een bestuursovereenkomst en een uitvoeringsovereenkomst vastgelegd. De overeenkomsten zijn in het voorjaar van 2016 getekend. De uitvoeringsovereenkomst is een contractstuk voor de opdrachtnemer van Rijkswaterstaat.
Dynamisch verkeersmanagement en benutten bestaande netwerk

Jaarlijkse vervanging van verkeerslichtinstallaties:

  • De gemeente heeft achttien verkeerslichtinstallaties vervangen. Bij dertien verkeerslichteninstallaties is zowel de buiteninstallatie (kabels, verkeersmasten, lantaarns, detectie) als het verkeersregelautomaat en regelprogramma’s gewijzigd. In een vijftal grote projecten van derden zijn bij de verkeersregelinstallaties alleen de buiteninstallaties (verkeersmasten, -kabels en –lantaarns) vervangen en regelprogramma’s gewijzigd. Eén daarvan was Hofplein, waar de doorstroming van trams is verbeterd door een extra spoor aan te brengen.

Optimalisatie van de afstelling van verkeerslichtinstallaties:

  • Op twee kruisingen zijn regensensors geplaatst, die ervoor zorgen dat fietsers meer groen krijgen bij regen.
  • Op twee kruisingen zijn borden geplaatst om de fietsers te adviseren of men het snelste linksom of rechtsom over het kruispunt kan oversteken.
  • Onderaan de Erasmusbrug is een afteller geplaatst voor fietsers die aangeeft hoelang het licht nog groen is en hoe lang het duurt voordat het groen wordt.
  • In 28 verkeerslichtinstallaties zijn de regelprogramma’s voor het verkeer verbeterd.

De gemeente ontwikkelt ‘tunnelwet-proof-verkeersmanagement' voor de Maastunnel:

  • In 2016 hebben voor een aantal onderdelen van het Adaptief File Management systeem (AFM) Europese aanbestedingen plaatsgevonden, en zijn (Nederlandse) aannemers geselecteerd. Begin 2017 worden de laatste onderdelen aanbesteed. Inmiddels is de softwareontwikkeling voor de AFM centrale gestart. Ten behoeve daarvan zijn in 2016 diverse tests uitgevoerd op straat. Niet alleen in Rotterdam, maar ook in Amsterdam en Utrecht, waar ook projecten worden uitgevoerd die gebruik maken van dezelfde componenten en/of algoritmes. Zo worden ervaringen gedeeld en wordt de ontwikkeling versneld.

Deelname gemeente aan onderzoekstraject SURF (Smart Urban Cities of the Future), gericht op zelfrijdende voertuigen:

  • Het consortium SURF STAD is per 1 januari 2016 gestart met het onderzoek naar ruimtelijke effecten van zelfrijdend vervoer in stedelijke regio’s. Looptijd van het onderzoek is vijf jaar. De gemeente Rotterdam is één van de praktijkpartners in het onderzoek, vanuit de gemeente is in 2016 deelgenomen aan een aantal werksessies. Daarnaast wordt jaarlijks een financiële bijdrage geleverd.

Binnen de Verkeersonderneming werken aan de doorontwikkeling van de mobiliteitsmarkt:

  • Via De Verkeersonderneming is in 2016 een succesvol aanbestedingstraject doorlopen, waarmee de kanteling is gemaakt van de Marktplaats voor Mobiliteit naar ‘Mobility as a Service’. Een consortium van mobiliteitsdienstverleners gaat aan de slag om in diverse woon- en werkgebieden in de regio een online platform te bieden waarmee mobiliteitsdienstverlening kan worden gepland, geboekt en betaald. Hiermee moeten in 2017 4750 spitsmijdingen worden gerealiseerd op knelpunttrajecten in de regio. De gemeente heeft in 2016 aan De Verkeersonderneming opdracht verstrekt voor het realiseren van nog eens 2000 spitsmijdingen, gericht op het ontlasten van de oeververbindingen tijdens de renovatieperiode van de Maastunnel. Daarnaast is in 2016 een selectie van tien slimme start-ups op mobiliteitsgebied met een investeringsbijdrage in staat gesteld hun product door te ontwikkelen. De samenwerkende organisaties binnen De Verkeersonderneming hebben in 2016 onder leiding van het Ministerie van I&M een start gemaakt met het verankeren van de sterkste punten uit het gedachtegoed van het programma Beter Benutten.

De gemeente zet t.b.v. verkeersmanagement in op regionale samenwerking:

  • De gemeente heeft in 2016, evenals in de voorgaande jaren, als partner deelgenomen aan het samenwerkingverband Bereik. Bereik richt zich op het beter benutten van het bestaande wegennetwerk in Zuid-Holland door het gezamenlijk inzetten op verkeersmanagement, o.a. via een gezamenlijke coördinerende verkeerscentrale (de Regiodesk) en het beter afstemmen van wegwerkzaamheden. De gemeente levert personele inzet in en een financiële bijdrage aan Bereik.

De gemeente gaat door met de Verkeersmarinier en de Verkeersregiekamer:

  • Van de 1.950 evenementen in Rotterdam zijn in 2016 ongeveer 800 evenementen met verkeersmaatregelen geweest. Deze zijn dan ook door het team van de Verkeersmarinier zorgvuldig getoetst en beoordeeld op bereikbaarheid en doorstroming. Veruit de meeste inzet is gepleegd voor de grootschalige evenementen. Deze zijn in aantal toegenomen, van 55 in 2015 naar 68 in 2016. Aanvullend is er vanuit de veiligheidsdiensten en het bestuur meer behoefte aan beheersing ontstaan vanwege de substantiële terreurdreiging. Dit heeft in 2016 vanuit verkeersregie aanzienlijk meer inzet gekost.
  • Opvallend was ook de toename in het aantal demonstraties, van 60 in 2015 naar 85 demonstraties in 2016. Ruim een kwart van deze demonstraties heeft gevolgen gehad voor het verkeersnetwerk.
  • In 2016 heeft 30 grootschalige filmopnames plaatsgevonden waarbij verkeersmaatregelen noodzakelijk waren.
  • Vanuit de verkeersregiekamer is door de operators ruim 3.000 keer (re)actief in de verkeerssystemen bijgestuurd. De aanleiding was grotendeels drukte en storingen (beide 22%). Daarnaast hebben zij opgetreden als gevolg van incidenten en ter ondersteuning van het onderhoud aan de verkeerssystemen (beide 19%). De werkzaamheden en evenementen zijn gezamenlijk verantwoordelijk voor 15% van de ingrepen vanuit de verkeersregiekamer. Dit laatste lijkt verhoudingsgewijs laag maar dat komt omdat de verkeersmaatregelen doorgaans vanuit de projecten of vanuit het verkeersactiecentrum worden bijgestaan in de verkeersbegeleiding. Het Stedelijk Overleg Bereikbaarheid heeft meer verantwoordelijkheid teruggelegd in de gebieden voor wat betreft de planning van werkzaamheden en hun beoordeling op de bereikbaarheid. Er zijn vanuit de verkeersregiekamer als gevolg hiervan minder maatregelen ingezet bij wegwerkzaamheden.
MIRT-onderzoek bereikbaarheid Rotterdam - Den Haag (MIRT: Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport)
  • In september 2015 is het MIRT- onderzoek Bereikbaarheid Rotterdam - Den Haag - gestart met een kwartiermaakfase. Betrokken partijen zijn geconsulteerd over de mogelijke problemen en opgaven die men ziet op het gebied van bereikbaarheid. Specifieke Rotterdamse ambities om de economische situatie, gezondheid en ruimtelijke kwaliteit van de buitenruimte voor de Rotterdammers te verbeteren en die relatie hebben met bereikbaarheid, zijn aangekaart.
  • De kwartiermaakfase is eind april 2016 afgerond met het bestuurlijk vaststellen van twee hoofdproducten: Het Resultatenrapport met daarin onder meer de weergave van de inbreng van de verschillende stakeholders en een daarop gebaseerd Plan van Aanpak voor de volgende fase van het onderzoek: de fase van analyse- en oplossingsrichtingen. In deze nieuwe fase van het MIRT onderzoek - gestart per 1 mei 2016 - worden alle ingebrachte kwesties uit de kwartiersmaak- fase nader geanalyseerd en wordt door overheden, bedrijfsleven, belangenorganisaties en andere stakeholders onderzocht welke oplossingsrichtingen eventueel mogelijk zijn. Besluitvorming over de afronding van dit onderzoek en vervolgafspraken in het MIRT is voorzien in het BO-MIRT najaar 2017.
Indicatoren

indicator (collegetarget, BBV of overig)

Beschrijving indicator

Nulmeting/ 2014

Realisatie 2015

Realisatie
2016

Eindwaarde/ 2017

Naam monitor

Collegetarget: Meer Duurzaam Vervoer

Het fietsgebruik op telpunten rond de binnenstad met minimaal 10% laten stijgen. (Fietspassages op weekdag per kwartaal op telpunten van- en naar de binnenstad.

Mijlpaal

10% per 1/10/2017

Realisatie

Weena
Rochussenstr
Erasmusbrug
Willemsbrug
Oostplein
Schiekade
Totaal

Mutatie t.o.v. nul-meting

Q3 2014

7.090
5.805
9.799
4.899
6.820
8.032
42.455

0.0%

Q4 2015

7.716
6.052
10.167
4.852
6.486
7.646
42.918

1,1%

Q4 2016

8.080
5.847
10.659
4.952
6.821
7.825
44.183

4,1%

Collegetarget: Meer Duurzaam Vervoer

De verplaatsingen van- en naar de binnenstad met bus, tram en metro met minimaal 2% doen stijgen. (In- en uitstappers op weekdag per kwartaal op haltes in de binnenstad

Mijlpaal

2% per 1/10/2017

Realisatie

Bus
Tram
Metro
Totaal

Mutatie t.o.v. nul-meting

Q3 2014

12.545
47.787
130.197
190.530

0,0%

Q4 2015

12.894
50.946
135.137
198.977

4,4%

Q4 2016

12.292
54.741
138.917
205.950

8.1%

BBV-indicator: "Ziekenhuisopname na verkeersongeval met een motorvoertuig"

Mijlpaal

Realisatie (incl. peildatum)

7%

BBV-indicator: "Overige vervoersongevallen met een gewonde fietser"

6%

Toelichting indicatoren

Voor de fiets is het beeld een stuk positiever dan in 2015. In de laatste twee kwartalen van 2016 is een flinke groei zichtbaar (4%) ten opzichte van de voorgaande kwartalen en vorig jaar. Toch is het is onzeker of de fietstarget, van 10% groei in Q3 van 2017 gehaald wordt. Geconstateerd kan worden dat het fietsgebruik, jarenlang een trend naar boven vertoonde en nu recent ook weer stijgt maar wetende dat er flinke jaar-op-jaar fluctuaties zijn. Hier zijn de weersomstandigheden van grote invloed.
De ontwikkeling van de OV-verplaatsingen naar de binnenstad zit met 8% toename al ver boven de target van +2%.

Als de ontwikkeling van het OV-gebruik en het fietsgebruik samen beschouwd worden is zichtbaar dat de trend de goede kant op gaat. In 2016 zijn er substantieel meer bewoners en bezoekers die met een duurzame vervoerwijze van of naar de binnenstad reizen.

Voor de BBV-indicatoren zijn geen recentere cijfers beschikbaar dan uit 2014.