Beschikbare weerstandscapaciteit

Beschikbare weerstandscapaciteit, in duizenden euro's

Rekening
31-12-2016

Algemene reserve

147.650

Financieringsreserve

78.957

Kredietrisicoreserve

63.503

Totaal beschikbare weerstandsvermogen

290.110

Bestemmingsreserves overig

828.291

Waarvan juridisch verplicht

-307.137

Stille reserves

50.000

Stelpost onvoorzien

3.600

Onbenutte belastingcapaciteit

0

 
De beschikbare weerstandscapaciteit is opgebouwd uit de volgende vijf onderdelen:

  1. De algemene reserve, de financieringsreserve en de kredietrisicoreserve. De algemene reserve heeft een algemeen karakter en is vrij in te zetten. Voor het totaal van de algemene reserve, de financieringsreserve en de kredietrisicoreserve hanteert de gemeente Rotterdam de term weerstandsvermogen. Het weerstandsvermogen maakt dus onderdeel uit van de beschikbare weerstandscapaciteit.
  2. Het vrij aanwendbare deel van de (overige) bestemmingsreserves. Een bestemmingsreserve is gevormd voor een specifiek doel. Als er geen juridische verplichtingen zijn aangegaan en de reserve niet bedoeld is voor de dekking van kapitaallasten, kan de gemeenteraad de bestemming echter veranderen. Juridische verplichtingen rusten er op de bestemmingsreserve Infrastructuur (gegeven de contracten voor Rotterdam Centraal Station), ISV (Investeringsbudget Stedelijke Vernieuwing) en een deel van het IFR (Investeringsfonds Rotterdam). De bestemmingsreserve Parkeerfonds is een egalisatiereserve, en daarmee een verlengstuk van de exploitatie. Daarom wordt deze niet als onderdeel van de beschikbare weerstandscapaciteit gezien.
  3. Stille reserves. Het gaat hier om het verschil tussen de werkelijke waarde en de boekwaarde van activa voor zover de verkoop binnen één jaar te realiseren is, de verkoop niet leidt tot een gat in de begroting én de verkoop de taakuitoefening van de gemeente niet aantast. Een beperkt aantal activa voldoet aan alle drie deze voorwaarden. Het college gaat uit van een stille reserve van maximaal € 50 mln.
  4. De stelpost onvoorzien. Het BBV (Besluit Begroting en Verantwoording) verplicht gemeenten om een stelpost onvoorzien in de begroting op te nemen, voor eerste onvoorziene, onvermijdbare en niet uitstelbare financiële tegenvallers. Deze stelpost bedraagt € 3,6 mln.
  5. De onbenutte belastingcapaciteit. Deze bestaat uit de extra structurele middelen die de gemeente kan genereren door de tarieven van de gemeentelijke heffingen of belastingen te verhogen. In de berekening van de beschikbare weerstandscapaciteit gaat het college ervan uit dat er geen onbenutte belastingcapaciteit is.

Bovenstaande tabel toont de beschikbare weerstandscapaciteit per 31 december 2016. De berekening bevat niet het rekeningresultaat 2016. Over de bestemming van dit rekeningresultaat moet nog besluitvorming plaatsvinden. Mogelijk wordt een deel van het concernresultaat toegevoegd aan reserves die onderdeel zijn van de beschikbare weerstandscapaciteit, maar daarop wordt niet vooruitgelopen. Besluitvorming over het gebruik van het concernresultaat gebeurt bij de behandeling van de Voorjaarsnota 2017.