Kaders en beleid

Inleiding

Het Besluit Begroting & Verantwoording (hierna: BBV) verplicht het college om de gemeenteraad inzicht te geven in de relaties met derde rechtspersonen, waar bestuurlijke invloed wordt uitgeoefend én waarmee financiële belangen zijn gemoeid.
Als de gemeente zowel een bestuurlijk als een financieel belang heeft bij een bepaalde privaatrechtelijke of publiekrechtelijke rechtspersoon, dan is sprake van een verbonden partij. Bij participatie in privaatrechtelijke rechtspersonen gaat het bijvoorbeeld om vennootschappenen bij participatie in publiekrechtelijke personen gaat het onder meer om gemeenschappelijke regelingen.
Het BBV specificeert in lid 1c en 1d de begrippen bestuurlijk en financieel belang als volgt:

  • Bestuurlijk belang: zeggenschap door vertegenwoordiging in het bestuur (directie, Algemeen, Dagelijks Bestuur of Algemene Vergadering van Aandeelhouders) of uit hoofde van stemrecht.
  • Financieel belang: wanneer een ter beschikking gesteld bedrag niet verhaalbaar is wanneer de partij failliet gaat, of het bedrag waarvoor aansprakelijkheid bestaat en de verbonden partij vervolgens niet aan haar verplichtingen kan voldoen. Veelal gaat dit om gestort aandelenkapitaal, (fonds)bijdragen, verstrekte leningen of verleende garanties.

De verbonden partijen zijn ingedeeld volgens onderstaande verschijningsvormen of rechtspersonen:

Privaatrechtelijk verbonden partijen
Vennootschappen

Vennootschappen kennen verschillende vormen: een besloten, naamloze of commanditaire vennootschap. Als de gemeente aandelen in een vennootschap heeft, neemt de gemeente op die manier deel in het aandelenkapitaal. Een dergelijk financieel belang met een derde rechtspersoon is pas een verbonden partij als de gemeente tevens een bestuurlijk belang heeft. Dit kan door een vertegenwoordiging in het bestuur of de Algemene Vergadering van Aandeelhouders, het hebben van stemrecht en zo meer.

Stichtingen

Een stichting kan ook een verbonden partij zijn. Alleen stichtingen waarin de gemeente een bestuurlijk en financieel belang heeft, niet zijnde een subsidierelatie, vallen in dit kader onder de term verbonden partij. Als de gemeente een stichting in overwegende mate subsidie verstrekt, dan valt die stichting onder de gesubsidieerde instellingen en is het geen verbonden partij.

Verenigingen

Ook de derde rechtspersoon in de vorm van de vereniging, waaronder de coöperatieve vereniging en de onderlinge waarborgmaatschappij, is onder voorwaarden aan te merken als een verbonden partij. Ook daar gelden de vereisten dat zowel een bestuurlijk belang als een financieel belang voor de gemeente is verbonden aan de vereniging.

Publiekrechtelijke verbonden partijen
Gemeenschappelijke regelingen

De Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) biedt de mogelijkheid voor openbare lichamen als gemeenten om een deel van hun bestuurstaken over te dragen aan een gezamenlijk verband waaraan ook andere – al dan niet publieke - partijen meedoen. Zo kan men gezamenlijk bepaalde belangen behartigen. Dit wordt ‘verlengd lokaal bestuur’ genoemd en concretiseert zich in de gemeenschappelijke regelingen. Er zijn ook gemeenschappelijke regelingen die niet worden beschouwd als verbonden partij. Dit zijn de zogeheten lichte regelingen, waarin geen bestuurlijke zeggenschap is vastgelegd. Deze gemeenschappelijke regelingen worden niet vermeld in de paragraaf Verbonden partijen, maar zijn wel betrokken bij de evaluatie van de verbonden partijen.

Het college legt in de paragraaf Verbonden partijen verantwoording af over de belangrijkste ontwikkelingen in 2016 bij de verbonden partijen. Onderstaand worden eerst de beleidsuitgangspunten nader toegelicht. Vervolgens volgt een toelichting op de belangrijkste ontwikkelingen in het gemeentelijk beleid en de verbonden partijen.

Beleidsuitgangspunten
Beleidsdoelstelling

De algemene beleidsdoelstelling voor verbonden partijen omvat de behartiging van het publiek belang door een verbonden partij met een private of publieke rechtsvorm, onder voorwaarde dat:

  • De risico’s in redelijke verhouding staan tot het publiek belang, zowel financieel als beleidsmatig;
  • De deelneming het meest efficiënte en effectieve instrument is om het beoogde beleidsdoel te realiseren;
  • Het publiek belang en het toezicht daarop niet al op een andere wijze volledig is geborgd.

Deze voorwaarden zijn afgeleid van bepalingen in het gemeentelijke Beleidskader Verbonden Partijen 2014-2018, die door de gemeenteraad is vastgesteld. Tezamen met het Burgerlijk Wetboek Boek 2 en de Code Corporate Governance vormen zij de belangrijkste richtlijnen voor uitvoering van het beleid voor verbonden partijen. Het gaat hierbij in grote lijnen om het aangaan, beheer, evalueren en afstoten van verbonden partijen.

Ontwikkelingen beleid verbonden partijen

De gemeente Rotterdam kent in totaal 44 verbonden partijen, waarvan 28 vennootschappen (deelnemingen), twee stichtingen, één vereniging en veertien gemeenschappelijke regelingen (publiekrechtelijke rechtspersonen).
In 2016 heeft de gemeente Rotterdam € 114,6 mln aan dividend ontvangen.

Beheerverslag

In 2015 is voor de eerste keer het Beheerverslag opgesteld om de gemeenteraad beter in de gelegenheid te stellen om kennis te nemen van de ontwikkelingen in termen van strategie, investeringen en governance. Tevens zijn de, al dan niet financiële, resultaten van alle gemeentelijke deelnemingen gepresenteerd. Het Beheerverslag wordt jaarlijks met de gemeenteraad gedeeld en besproken. Bij de behandeling van de tweede editie van het Beheerverslag[1] in september 2016 zijn door de gemeenteraad verbeterpunten meegegeven. Deze verbeterpunten hebben betrekking op een nadere toelichting op het maatschappelijk rendement van de deelnemingen en diepere inzage in de deelneming Glazen Maas. Het Beheerverslag zal in het derde kwartaal van 2017 worden gepubliceerd en aan genoemde verbeterpunten tegemoetkomen.

Het BBV verplicht het college om de gemeenteraad inzicht te geven in de relaties met derde rechtspersonen, waar bestuurlijke invloed wordt uitgeoefend én waarmee financiële belangen zijn gemoeid.
Als de gemeente zowel een bestuurlijk als een financieel belang heeft bij een bepaalde privaatrechtelijke of publiekrechtelijke rechtspersoon, dan is sprake van een verbonden partij. Bij participatie in privaatrechtelijke rechtspersonen gaat het bijvoorbeeld om vennootschappenen bij participatie in publiekrechtelijke personen gaat het onder meer om gemeenschappelijke regelingen.
Het BBV specificeert in lid 1c en 1d de begrippen bestuurlijk en financieel belang als volgt:

  • Bestuurlijk belang: zeggenschap door vertegenwoordiging in het bestuur (directie, Algemeen, Dagelijks Bestuur of Algemene Vergadering van Aandeelhouders) of uit hoofde van stemrecht.
  • Financieel belang: wanneer een ter beschikking gesteld bedrag niet verhaalbaar is wanneer de partij failliet gaat, of het bedrag waarvoor aansprakelijkheid bestaat en de verbonden partij vervolgens niet aan haar verplichtingen kan voldoen. Veelal gaat dit om gestort aandelenkapitaal, (fonds)bijdragen, verstrekte leningen of verleende garanties.

De verbonden partijen zijn ingedeeld volgens onderstaande verschijningsvormen of rechtspersonen:

Privaatrechtelijk verbonden partijen
Vennootschappen

Vennootschappen kennen verschillende vormen: een besloten, naamloze of commanditaire vennootschap. Als de gemeente aandelen in een vennootschap heeft, neemt de gemeente op die manier deel in het aandelenkapitaal. Een dergelijk financieel belang met een derde rechtspersoon is pas een verbonden partij als de gemeente tevens een bestuurlijk belang heeft. Dit kan door een vertegenwoordiging in het bestuur of de Algemene Vergadering van Aandeelhouders, het hebben van stemrecht en zo meer.

Stichtingen

Een stichting kan ook een verbonden partij zijn. Alleen stichtingen waarin de gemeente een bestuurlijk en financieel belang heeft, niet zijnde een subsidierelatie, vallen in dit kader onder de term verbonden partij. Als de gemeente een stichting in overwegende mate subsidie verstrekt, dan valt die stichting onder de gesubsidieerde instellingen en is het geen verbonden partij.

Verenigingen

Ook de derde rechtspersoon in de vorm van de vereniging, waaronder de coöperatieve vereniging en de onderlinge waarborgmaatschappij, is onder voorwaarden aan te merken als een verbonden partij. Ook daar gelden de vereisten dat zowel een bestuurlijk belang als een financieel belang voor de gemeente is verbonden aan de vereniging.

Publiekrechtelijke verbonden partijen
Gemeenschappelijke regelingen

De Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) biedt de mogelijkheid voor openbare lichamen als gemeenten om een deel van hun bestuurstaken over te dragen aan een gezamenlijk verband waaraan ook andere – al dan niet publieke - partijen meedoen. Zo kan men gezamenlijk bepaalde belangen behartigen. Dit wordt ‘verlengd lokaal bestuur’ genoemd en concretiseert zich in de gemeenschappelijke regelingen. Er zijn ook gemeenschappelijke regelingen die niet worden beschouwd als verbonden partij. Dit zijn de zogeheten lichte regelingen, waarin geen bestuurlijke zeggenschap is vastgelegd. Deze gemeenschappelijke regelingen worden niet vermeld in de paragraaf Verbonden partijen, maar zijn wel betrokken bij de evaluatie van de verbonden partijen.

Het college legt in de paragraaf Verbonden partijen verantwoording af over de belangrijkste ontwikkelingen in 2016 bij de verbonden partijen. Onderstaand worden eerst de beleidsuitgangspunten nader toegelicht, onder punt 2. Vervolgens volgt een toelichting op de belangrijkste ontwikkelingen in het gemeentelijk beleid, onder punt 3, en de verbonden partijen, onder punt 4.

Beleidsuitgangspunten
Beleidsdoelstelling

De algemene beleidsdoelstelling voor verbonden partijen omvat de behartiging van het publiek belang door een verbonden partij met een private of publieke rechtsvorm, onder voorwaarde dat:

  • de risico’s in redelijke verhouding staan tot het publiek belang, zowel financieel als beleidsmatig;
  • de deelneming het meest efficiënte en effectieve instrument is om het beoogde beleidsdoel te realiseren;
  • het publiek belang en het toezicht daarop niet al op een andere wijze volledig is geborgd.

Deze voorwaarden zijn afgeleid van bepalingen in het gemeentelijke Beleidskader Verbonden Partijen 2014-2018, die door de gemeenteraad is vastgesteld. Tezamen met het Burgerlijk Wetboek Boek 2 en de Code Corporate Governance vormen zij de belangrijkste richtlijnen voor uitvoering van het beleid voor verbonden partijen. Het gaat hierbij in grote lijnen om het aangaan, beheer, evalueren en afstoten van verbonden partijen (zie Hoofdstuk 5.4).

Ontwikkelingen beleid verbonden partijen

De gemeente Rotterdam kent in totaal 44 verbonden partijen, waarvan 28 vennootschappen (deelnemingen), twee stichtingen, één vereniging en veertien gemeenschappelijke regelingen (publiekrechtelijke rechtspersonen).
In 2016 heeft de gemeente Rotterdam € 114,6 mln. aan dividend ontvangen.

Beheerverslag

In 2015 is voor de eerste keer het Beheerverslag opgesteld om de gemeenteraad beter in de gelegenheid te stellen om kennis te nemen van de ontwikkelingen in termen van strategie, investeringen en governance. Tevens zijn de, al dan niet financiële, resultaten van alle gemeentelijke deelnemingen gepresenteerd. Het Beheerverslag wordt jaarlijks met de gemeenteraad gedeeld en besproken. Bij de behandeling van de tweede editie van het Beheerverslag[2] in september 2016 zijn door de gemeenteraad verbeterpunten meegegeven. Deze verbeterpunten hebben betrekking op een nadere toelichting op het maatschappelijk rendement van de deelnemingen en diepere inzage in de deelneming Glazen Maas. Het Beheerverslag zal in het derde kwartaal van 2017 worden gepubliceerd en aan genoemde verbeterpunten tegemoetkomen.

[1] http://www.ris.rotterdam.nl/cgi-bin/showdoc.cgi/action=view/id=79132/type=pdf/16bb6738_Bijlage_Beheerverslag_Deelnemingen_2015_-_2016.pdf#search=%22beheerverslag%22
[2] http://www.ris.rotterdam.nl/cgi-bin/showdoc.cgi/action=view/id=79132/type=pdf/16bb6738_Bijlage_Beheerverslag_Deelnemingen_2015_-_2016.pdf#search=%22beheerverslag%22