Kasgeldlimiet

Toets kasgeldlimiet

2014

2015

2016

2016 Q1

2016 Q2

2016 Q3

2016 Q4

Grondslag: omvang oorspronkelijke begroting

3.776.978

3.623.553

3.492.398

3.492.398

3.492.398

3.492.398

3.492.398

Kasgeldlimiet (8,5% van grondslag)

321.043

308.002

296.854

296.854

296.854

296.854

296.854

Gemiddelde korte schuld

338.267

272.338

292.306

463.705

279.713

185.116

240.691

Gemiddelde korte middelen

-7.059

-6.304

-5.069

-2.853

-7.796

-6.814

-2.814

Gemiddelde netto korte schuld

331.208

266.034

287.237

460.852

271.917

178.302

237.877

in % begroting

8,8%

7,3%

8,2%

13,2%

7,8%

5,1%

6,8%

Ruimte (+) / overschrijding (-)

-10.165

41.968

9.617

-163.998

24.937

118.552

58.977

De gemeente mag haar activiteiten niet onbeperkt met kort geld financieren. In de Wet financiering decentrale overheden (Wet Fido) is hiervoor de kasgeldlimiet opgenomen, waarmee een maximum wordt gesteld aan de netto kortlopende schuld. De kasgeldlimiet is gelijk aan 8,5% van het begrotingstotaal van de oorspronkelijke begroting en bedroeg € 297 mln in 2016. De kasgeldlimiet mag niet meer dan drie achtereenvolgende kwartalen overschreden worden. Gebeurt dit wel dan moet de gemeente de provincie daarover informeren en daarbij een plan aanbieden om weer te gaan voldoen aan de kasgeldlimiet. De in de tabel getoonde bedragen voor de jaren 2014 en 2015 zijn jaargemiddelden. De overschrijding in 2014 heeft zich alleen in het eerste kwartaal voorgedaan, zodat de gemeente ook in dat jaar heeft voldaan aan de wettelijke vereisten. Gemiddeld bedroeg over geheel 2016 de netto korte schuld € 287 mln. Alleen het eerste kwartaal is de kasgeldlimiet overschreden, de overige kwartalen bleef de korte schuld onder de kasgeldlimiet. Daarmee is voldaan aan de vereisten uit de Wet Fido.