Te continueren vennootschappen

Hieronder is het overzicht van de vennootschappen opgenomen die per 31 december 2016 tot de categorie ‘in beheer’ behoren. In dit overzicht is tevens inzicht geboden tegen welke boekwaarde de verbonden vennootschappen op de gemeentelijke balans stonden per 1 januari 2016 en 31 december 2016.

Daar waar relevant is hieronder een toelichting opgenomen met de belangrijkste ontwikkelingen:

Bank Nederlandse Gemeenten (BNG)

BNG Bank heeft over 2016 een nettowinst behaald van € 369 mln (2015: € 226 mln). Gezien de aanhoudende onzekerheden acht de bank het niet verantwoord een uitspraak te doen over de verwachte nettowinst 2017.Met een balans van meer dan €150 mld is de BNG Bank de vierde bank van Nederland.
De BNG beoogt een betrokken partner te zijn voor een duurzamer Nederland. De portefeuille van duurzame projectfinancieringen is eind 2016 gegroeid tot bijna € 1 mld. Onder invloed van onzekerheid over hun toekomstige inkomsten en verplichtingen zijn de kernklanten van de bank zoals decentrale overheden, woningcorporaties en zorginstellingen, relatief terughoudend met nieuwe investeringen. Hierdoor daalde de kredietvraag, maar dankzij een onverminderd hoog marktaandeel van BNG Bank is het afgelopen jaar € 10,2 mld aan langlopende kredieten verstrekt.

Havenbedrijf Rotterdam N.V.

De goederenoverslag in de Rotterdamse haven nam na het recordjaar 2015 met 1,1% af tot 461,2 mln ton in 2016. De overslag van ruwe olie en minerale olieproducten bleef onverminderd hoog en het segment containers groeide licht, maar de overslag van ertsen en schroot daalde met 7,8% en die van kolen met 7,3%. De laatste daling is zowel het gevolg van de sluiting van enkele oudere kolencentrales in Nederland eind 2015, als een verminderde staalproductie in Duitsland. De daling in de overslag van kolen en ijzererts werkte ook negatief uit op het marktaandeel in de Hamburg – Le Havre range, dat daalde van 38,0% in 2015 naar 37,6% in 2016 (laatste kwartaal).
De omzet van HbR bedroeg in 2016 even veel als in 2015: € 675 mln. Dat de winst toch steeg van € 211,6 mln in 2015 naar € 222,2 mln in 2016 heeft voornamelijk met twee factoren te maken: een afname van de afschrijvingen met € 6 mln. en een afname van de overige bedrijfslasten met € 9 mln. Dit laatste had te maken met de incidentele vrijval van een aantal reserves. Het balanstotaal nam toe van ruim € 3,9 mld in 2015 naar € 4,2 mld. in 2016. De groei manifesteert zich voor een belangrijk deel in de liquide middelen, doordat van het Rijk een vooruitbetaling ontvangen werd voor de aanleg van het Theemswegtracé ad € 112,1 mln. De boekwaarde van de vaste materiële activa bleef nagenoeg gelijk, wel namen de overlopende activa toe van € 40 mln naar €75 mln. Ten dele had dit te maken met de gedeeltelijke afkoop van het rentederivaat, waarvoor in 2016 €59,4 mln. is betaald, en waarvan € 32,9 mln ten laste van het resultaat is genomen. Na afkoop resteert er een rentederivaat van €900 mln.
De investeringsuitgaven bedroegen over 2016 € 179,8 mln, waarvan 56 % bestond uit klantgebonden infrastructuur, 35% uit publieke infrastructuur en 9% uit bedrijfsmiddelen. De investeringsuitgaven laten weliswaar een op het oog flinke stijging zien ten opzichte van 2015 (€154 mln), maar vanwege de ontwikkeling van Maasvlakte 2 moet men teruggaan tot 2005 om een jaar te zien met een vergelijkbaar investeringsniveau. De grootste investeringen in 2016 waren de bouw van de kademuren voor de Sif Groep, ligplaatsen voor Stena Line en Koole Terminals, gebiedsontwikkeling Maasvlakte Plaza en de upgrade en vervanging van boeien en palen. De, reeds gunstige, financiële ratio’s bleven nagenoeg ongewijzigd. Het rendement op de totale activa bleef stabiel op 7,3% (2015: 7,4%). De solvabiliteitsratio daalde heel licht van 61,5% naar 61% (minimumnorm 35%).

Eneco

Veel van de aandacht van de aandeelhouders van Eneco ging in 2016 uit naar de voorbereiding van de splitsing van het bedrijf in een productie- en leveringsbedrijf (Eneco Groep N.V.) en een netwerkbedrijf (Stedin Holding N.V.). Onder andere werden de statuten gewijzigd en werden er aandeelhoudersconvenanten opgesteld waarin nieuwe afspraken over de governance werden vastgelegd.
Eneco behaalde over 2016 een nettowinst van €199 mln., licht onder het resultaat van 2015 (€ 208 mln). De omzet daalde met 9% van € 4,3 mld in 2015 naar € 3,9 mld in 2016. Deze daling wordt hoofdzakelijk veroorzaakt door lagere inkoopprijzen die werden verwerkt in de klanttarieven. Het afgezette volume aan energie daalde slechts licht (-3%).
De totale bedrijfskosten van Eneco namen met € 93 mln toe tot € 1,6 mld. Deze stijging wordt hoofdzakelijk veroorzaakt door investeringen in nieuwe business activiteiten en innovatie, hogere precariolasten en kosten die ten behoeve van de splitsing moesten worden gemaakt.
Eneco investeerde in 2016 in totaal €532 mln. Het grootste deel hiervan had betrekking op de netwerkactiviteiten (€ 410 mln). Het energiebedrijf investeerde €122 mln, onder andere in windparken in Groot-Brittannië en België (€ 51 mln), warmtenetten en –productie (€44 mln.), zonneparken (€ 9 mln) en stoomlevering door biocentrale Golden Raand (€ 10 mln). Daarnaast vonden voor € 44 mln acquisities plaats, waaronder zonneparken in België en Groot-Brittannië en windparken van het Zeeuwse Delta.

Definitieve gegevens over de jaarlijkse gemiddelde uitvalduur per huishouden voor gas en elektriciteit waren ten tijde van het opstellen van de jaarrekening nog niet bekend.
De duurzame elektriciteitsproductie bedroeg in 2016 30% van de totale leveringsportfolio, in 2014 was dat 20% en in 2015 25%.

Royal Schiphol Group

In 2016 vervoerde de Royal Schiphol Group (hierna: RSG) 8,9% meer passagiers dan in 2015. Het totaal aantal passagiers kwam uit op een record van 70,0 mln. (2015: 64,3 mln). In 2016 waren er 527.285 vliegtuigbewegingen op Amsterdam, Rotterdam en Eindhoven (een stijging met 5,8% t.o.v. 2015). Door deze aantallen is het marktaandeel naar 11,6% gestegen en is zij na Londen en Parijs, de derde luchthaven van Europa (marktaandeel in 2015: 11%, 5e luchthaven in Europa). De netto-omzet over 2016 bedroeg € 1,44 mld, waarmee de omzet ten opzichte van 2014 met 1% is gestegen. Echter, de business area’s van RSG laten zien dat het nettoresultaat in 2016 is gedaald met € 68 mln naar € 306 mln. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door een generieke stijging in de bedrijfslasten, o.a. voor de projectvoorbereiding van de A-Area (een stijging met 4,9%), lagere baten door verlaging van de luchthaventarieven en tot slot werd het resultaat vorig jaar eenmalig positief beïnvloed door de verkoop (een stijging met € 50 mln) van een meerderheidsbelang.

In totaal vervoerde dochtermaatschappij Rotterdam The Hague Airport (hierna: RtHA) 1,64 mln passagiers (een stijging 0,3% t.o.v. 2015). Het aantal vliegtuigbewegingen bleef met 17.510 nagenoeg gelijk (2015: 17.500). Voornoemde resultaten zijn logisch omdat binnen het vigerende Luchthavenbesluit er geen ruimte voor groei is. Echter, op RtHA is in 2016 tegen de verwachting het aantal bestemmingen teruggevallen naar 39 (2015: 47). Wel zijn er nieuwe directe verbindingen naar Manchester en Birmingham. De geluidsbelasting wordt in de omgeving van RtHA berekend door middel van zes handhavingspunten. Er waren in 2016 geen overschrijdingen van de handhavingspunten. Op het meest kritische handhavingspunt heeft de luchthaven ongeveer 95% van de beschikbare geluidsruimte gebruikt, in 2015 was dit 97%. Tot slot is in 2016 verder gewerkt aan de renovatie van het vliegtuigplatform en zijn de werkzaamheden aan de aankomsthal en twee hangars afgerond.

RET

Op 1 juli 2016 heeft de Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH) besloten om aandeelhouder te worden van RET met een bijzonder aandeel met specifieke bevoegdheden, zodat een inbesteding van de railconcessie bij RET mogelijk is volgens Europese regelgeving. Op 1 juli 2016 heeft MRDH vervolgens de railconcessie Rotterdam e.o. aan RET toegewezen voor een periode van 10 jaar. De aandeelhouder gemeente Rotterdam beoordeelde de bieding van RET aan de hand van een second opinion op de risico’s en de uitvoerbaarheid van de concessie. MRDH heeft ook besloten om onder voorwaarden de thans lopende busconcessies van RET voor een nieuwe concessieperiode in te besteden bij RET. Als MRDH en RET tot overeenstemming komen, dan zal uiterlijk 1 juli 2017 een overeenkomst worden gesloten tussen MRDH en RET voor de inbesteding van de busconcessies bij RET per 2019.

Op 6 december 2016 heeft het college van burgemeester en wethouders als aandeelhouder goedkeuring verleend aan de financiering (ad € 120 mln) van de Europese Investerings Bank (EIB) voor 22 nieuwe metrovoertuigen voor de Hoekse Lijn en de frequentieverhoging van Randstadrail. De MRDH staat borg voor de financiering van de EIB. In de AVA van 14 december 2017 is de sloop en nieuwbouw van de remise Kleiweg goedgekeurd door de aandeelhouder.

Gemeenschappelijk Bezit Evides BV

Op 21 november 2016 hebben de aandeelhouders het Ondernemingsplan 2017 van Evides goedgekeurd en besloten om het tarief voor drinkwater tot 2019 niet te verhogen. In de aandeelhoudersvergadering is ook de situatie bij het bedrijf Delta besproken waarin 50% van de aandelen Evides wordt gehouden. Het bedrijf Delta zal met ingang van 1 juli 2017 worden gesplitst. De aandeelhouders van GBE en de Zeeuwse aandeelhouders van Delta hebben in 2012 afgesproken dat de aandelen Evides volledig in publieke handen zullen overgaan. In 2017 zullen de aandeelhouders van Evides daarover het gesprek voeren, zodra de splitsing van Delta een feit is.

Warmtebedrijf Infra N.V. en Exploitatie N.V.

Het Warmtebedrijf heeft in 2016 haar tweede volledige operationeel jaar gehad. Er is voor 1.116.680 GJ aan warmte geleverd, waarmee 69,2 kiloton CO2 uitstoot is vermeden. In juni 2016 heeft de gemeenteraad het Herstelplan voor het Warmtebedrijf vastgesteld. De uitvoering van dit Herstelplan moet leiden tot een financieel gezond Warmtebedrijf. Naast een aanvullende kapitaalstorting door de gemeente Rotterdam, bestaat dit plan uit nieuwe afspraken met AVR en Eneco en mogelijke uitbreidingen van het warmtenet. Het Warmtebedrijf heeft afgelopen jaar hard gewerkt aan de voorbereiding en uitvoering van dit Herstelplan.

Tower Hotel Rotterdam B.V.

Het verslagjaar 2016 stond vooral in het teken van de herfinanciering van Tower Hotel B.V (waarbij Tower Hotel vanaf 2015 een franchiseovereenkomst met de Marriott-keten heeft gesloten). Zowel met de nieuwe verhuurder alsook met de overige aandeelhouders zijn hierover afspraken gemaakt zodat de balanspositie sterk kon worden verbeteren. Dit geschiedt o.a. door de omzetting van leningen in aandelenkapitaal alsmede door nieuwe afspraken over de aflossing van bestaande schulden. Door de verbeterde economische vooruitzichten en de verbinding met de Marriott keten is de verwachting dat vanaf 2017 de resultaten zullen verbeteren.

ICOS Cleantech Earlystage fund II B.V.

Voor ICOS is vanuit de gemeente Rotterdam kapitaal beschikbaar gesteld dat in tranches, via capital calls, in ICOS wordt gestort. Er is in 2016 door de deelneming een captal call gedaan, waarbij de gemeente €150.000 aan kapitaal in de vennootschap heeft gestort. Dit verklaart de mutatie in de boekwaarde. Door deze capital call heeft ICOS vervolgens geïnvesteerd in cleantechbedrijven die participeren in projecten zoals de productie van zonneboilers of bedrijven die windenergie inzetten voor de zuivering van water.

SSC Flex (SSC Flex B.V. en MultiEmployment B.V.)

Eind 2015 is de dienstverlening van zowel SSC Flex BV als MER BV geanalyseerd. De resultaten van deze analyse zijn in 2016 met de gemeentelijke opdrachtgevers besproken. In 2017 wordt een besluit genomen over het al dan niet voortzetten van beide vennootschappen.
Het Servicepunt Externe Inhuur (SEI), dat de externe inhuur voor de gemeente coördineert, is onderdeel van SSC Flex BV. Voornemen is om het SEI in 2017 te positioneren binnen de gemeente.